drukke kinderen tussen de 4 en 8 jaar
Elk kind is wel eens druk. Sommige kinderen zijn echter heel vaak of altijd druk. Ze zijn beweeglijk, altijd in de weer, impulsief, snel geprikkeld en makkelijk afgeleid. Zulke drukke kinderen zijn erg bewerkelijk. Als ouder of verzorger kunt u daar behoorlijk moe van worden. Maar ook voor uw kind is het niet altijd even makkelijk. Er wordt op school steeds meer van hem of haar verwacht, zoals stil zitten en je beurt afwachten. In deze folder worden een aantal handreikingen gegeven om met drukke kinderen om te gaan. Niet om u te vertellen hoe het ‘moet’, maar om u tips te geven hoe het kan.
Steun en waardering
Het heeft meer effect om te reageren op wat uw kind goed doet, dan om te letten op wat het fout doet.
• Wees alert op de dingen die uw kind goed doet.
• Beloon het goede gedrag.
• Laat merken dat u blij bent met zijn inzet bij klusjes.
• Geef uw kind korte opdrachten. Verdeel situaties in kleine stappen: naar bed gaan bestaat uit speelgoed opruimen, pyjama aan en tandenpoetsen. Hoe meer stappen, hoe meer complimenten u kunt geven.
• Verlang niet meer dan uw kind op het moment aankan.
Structuur
Voor drukke kinderen is het fijn als de dag volgens een vast patroon verloopt. Dat geeft
houvast en zekerheid.
• Zorg voor een duidelijk dagritme.
• Zorg voor vaste gewoontes en volgordes (rituelen): na school eerst naar huis, dan drinken, buiten spelen, enzovoort.
• Zorg voor vaste momenten waarop uw kind zichzelf kan zijn.
• Vermijd zoveel mogelijk onverwachte gebeurtenissen en bereid uw kind voor op wat er gaat gebeuren.
• Leg uit wat hij kan verwachten als de dag er eens anders uitziet, bijvoorbeeld op vrije dagen of in het weekend.
• Laat uw kind eerst nadenken over wat hij wil gaan doen.
• Geef uw kind een eigen plek en een overzichtelijke keus uit het speelgoed.
• Laat uw kind zien hoe hij na het spelen kan opruimen. Help hem daarbij een eindje op weg door samen te beginnen.
• Probeer het kijken naar tv-programma's die voor veel drukte en onrust zorgen, te beperken.
Regels en grenzen
Drukke kinderen hebben behoefte aan eenvoudige regels en duidelijke grenzen. Het is belangrijk om uw kind telkens weer positieve aandacht te geven als het zich aan de regels
houdt.
• Maak uw kind duidelijk wat wel en niet mag en wijk daar zo min mogelijk van af.
• Consequent zijn is belangrijk. Nee is nee; ja is ja.
• Geef uitleg bij de regels.
• Geef een alternatief als u iets verbiedt: ‘Je mag in huis niet met de bal spelen. Voetballen mag wel buiten op het veldje’.
• Herhaal de regels zo vaak mogelijk en prijs uw kind direct als hij of zij zich aan een regel gehouden heeft.
• Zorg dat u weet welke regels er op school gelden en bespreek die met uw kind.
School
Vanaf groep drie wordt er van kinderen verwacht dat ze op hun stoel blijven zitten, dat ze luisteren en dat ze rustig zelf werken.
• Overleg regelmatig met de leerkracht.
• Probeer de aanpak thuis en op school zoveel mogelijk op elkaar af te stemmen.
• Praat met uw kind over school.
• Bespreek de momenten waarop hij of zij het door zijn of haar drukke gedrag moeilijk heeft. Bedenk daar samen oplossingen voor.
ADHD
Niet elk druk kind heeft ADHD (aandacht tekortstoornis met hyperactiviteit). Om ADHD vast te stellen is een gespecialiseerd onderzoek nodig. U kunt hiervoor contact opnemen met uw jeugdarts of huisarts.


